Nieuwsbrief 1/2015

nieuwsbrief

De eerste!
Je leest hem; onze eerste nieuwsbrief.
Wij merken een groeiende interesse op en een stijgend aantal bezoekers. Via deze weg kunnen we je op de hoogte houden van onze activiteiten. Tweemaal per jaar, éénmaal voor de herfst en winter en éénmaal voor de lente en zomer, kom je te weten waar we mee bezig zijn en wanneer onze deuren open staan om je te ontvangen.
 

Even EVUG situeren
De Etnografische Verzamelingen van de Universiteit Gent kent al een lange (voor)geschiedenis. De huidige benaming is er gekomen in 2002 en een klein deel - ongeveer 400 van de meer dan 4000 objecten, staat sindsdien als permanente collectie tentoon gesteld in Het Pand in Gent.
Je kan de collectie zeker al komen bekijken tijdens de Erfgoeddag, of gewoon op afspraak. Stuur ons een mailtje of bel ons op en we kijken wanneer we jou kunnen ontvangen en rondleiden.
Recent is de EVUG ook onderdeel geworden van het GUM (Gentse Universitaire Musea).
Het GUM zal - vermoedelijk - de deuren openen tijdens het academiejaar 2017-2018 en zal objecten te kijk stellen van de Etnografische Verzamelingen en van zes andere universitaire collecties.
 
EVUG als actieve participant
Wij herbergen een academische collectie en buigen ons op die manier over intercontinentale geschiedenissen. Toch is het onze ambitie dat de objecten niet enkel naar een verleden verwijzen, maar dat we als actieve participant meedenken over de rol van academisch erfgoed in het heden.
Sinds 2009 brengen we rondleidingen en tentoonstellingen met wisselende invalshoeken, schenken we aandacht aan de groeiende rol die onze verzamelingen kunnen hebben voor source communities, voeren we een actief museumbeleid door te kiezen voor een opstelling die het gedachtegoed van Prof. F. Olbrechts benadert, en vullen we de permanente collectie aan met nieuwe schenkingen. Wij nemen ook actief deel aan (inter)nationale congressen die thema's rond wereldkunst en academisch erfgoed belichten en opereren binnen een groter draagvlak door ons lidmaatschap bij Et(h)nocoll, PAA (Pacific Arts Association) en ICME (International Committee for Museums and Collections of Ethnography).
Kom ons bezoeken
wij zetten onze deuren graag voor jou open!
In samenwerking met Aksanté vzw kan je tijdens de Wetenschapsdag op 22 november bij ons terecht voor workshops en rondleidingen. Binnenkort kan je op onze website meer informatie terugvinden.
Noteer zeker ook zondag 24 april, want dan is het Ergfoeddag met als thema dit jaar Rituelen. Hierover lees je in onze volgende nieuwsbrief meer.
 
EVUG On Tour
Kan je zolang niet wachten? of wil je al heel kort met ons kennis maken? EVUG leent objecten uit aan volgende tentoonstellingen:

In het Rommelaere instituut kan je van 15 oktober tot en met 20 december terecht voor de tentoonstelling Post Mortem, Vesalius tussen kunst en wetenschap', waar onder andere een executiezwaard uit de Democratische Republiek Congo, een koppensnellersamulet van de Asmat uit Nieuw-Guinea en, ook van de Asmat uit Nieuw-Guinea, een bisj paal te bezichtigen zullen zijn.
Een bisj - of voorouderpaal, die gemaakt wordt uit één stuk hout en met bovenaan de kenmerkende uitgewerkte plankwortel, doet dienst tijdens de dodenfeesten ter herinnering aan de recent overledenen. Elke figuur stelt een overledene voor die nu de transitie heeft gemaakt naar voorouder. De palen werden slechts éénmalig gebruikt en na het feest worden ze achtergelaten in de mangrovebossen waar wilde sagopalm groeit. De bovennatuurlijke krachten die aan de palen worden toegedicht komen zo in de bodem terecht waar de Asmat hun voornaamste voedingsbron (sago) oogsten.
Ten tijde van de koppensnellerij, waarbij hoofden van de vijand werden verzameld om zo de eigen levenskracht te verhogen, ging een bisj feest ook gepaard met zulke vergeldingsacties. Dood gaan werd beschouwd als een bewuste interventie - door ziekte of oorlog -, en bracht zo de samenleving uit balans. Dit evenwicht moest terug hersteld worden door zelf op oorlogspad te trekken.

 

Voorbeeld van een bisj paal. De menselijke figuren stellen de overledenen voor terwijl andere figuren verwijzen naar de voorouders. Kenmerkend is de uitgewerkte plankwortel die dienst doet als fallussymbool.

Ook vanaf 15 oktober pakt het STAM uit met een grote tentoonstelling over Willem I, die vanaf 1814 regeerde over de Verenigde Nederlanden, tot aan de Belgische onafhankelijkheid in 1830. Tijdens een bezoek aan deze tentoonstelling kom je meer te weten over de rol die Willem I speelde in de geschiedenis van België. Specifiek voor Gent was hij verantwoordelijk voor de totstandkoming van de universiteit, en was zo onrechtstreeks betrokken bij een gift van objecten die de start vormden van onze Etnografische Verzamelingen. Kanunnik De Bast, één van de zes leden van de commissie die Willem I samenstelde om hem te adviseren waar en of er een universiteit zou worden gesticht, ging tegen de stroom in en promootte als Gentenaar zijn stad als thuishaven voor de bouw van een universiteit. Willem I volgde deze enige stem voor Gent en zo werd de 'Koninglyke Hooge-School' plechtig geopend in oktober 1817, als één van de drie rijksuniversiteiten die er in de Zuidelijke Nederlanden onder zijn bewind zouden komen, samen met Leuven en Luik.
Het was Eduard De Bast, neef van kanunnik De Bast, en als militair voornamelijk in het Verre Oosten actief, die tussen 1825 en 1829 een reeks Javanica schonk aan het toenmalige Musée des Antiquités de l'Université de Gand.
De twee stenen ganesha's vormden de eerste gift in 1825 en hierna volgden een paar jaar later nog bronzen hindoebeeldjes, een bidsnoer en Javaanse dolken. Deze objecten waren bij ons reeds te zien tijdens de Open Monumentendag op 13 september en zo kreeg een 500-tal mensen al een kleine preview van de komende tentoonstelling in het STAM.

Nieuwe giften  

Zoals je hierboven al kon lezen, vormen giften een belangrijk onderdeel van hoe een verzameling tot stand kan komen. Ook nu blijven de Etnografische Verzamelingen groeien door giften. Marthe Buysse bezorgde ons in 2015 nog een reeks maskers en gebruiksvoorwerpen uit Congo, ter plekke verzameld toen ze ginds les gaf.   

Deze staan tentoon gesteld in de zaal waar ook de objecten van de familie Schoepen te vinden zijn. In april 2014 kregen we een selectie van een 20-tal voorwerpen, gaande van kleding en sieraden over manden tot de kleurrijke kachinapoppen. Een kachina is een personificatie van voorouders, natuurfenomenen, kwaliteiten en concepten. Het vormt een centraal begrip binnen het religieuze leven van de Pueblo-Indianen en in de vorm van poppen konden kinderen door middel van dit 'speelgoed' vertrouwd raken met de rituelen en waarden.

 

Bekijk hier een VRT video-opname over de schenking Schoepen.


Een Kachina pop uit de Schoepencollectie.